Belemmeringen


Welke belemmeringen en mogelijke oplossingen zijn er rond circulaire gebiedsontwikkelingen? Deze analyse beoogt antwoorden te vinden op deze vragen. Bij gebiedsontwikkeling komen veel verschillende disciplines samen, zoals bouw, infrastructuur, riolering en energie. Gebiedsontwikkeling vraagt dus om samenwerking tussen veel verschillende partijen. Daarmee kan circulaire gebiedsontwikkeling zeer gecompliceerd zijn, maar het biedt ook kansen. Het uiteindelijke doel is om maatregelen en acties te formuleren voor de gesignaleerde belemmeringen en zo circulaire gebiedsontwikkelingen aan te jagen.

Gebiedsontwikkeling laat zich goed omschrijven door een definitie opgesteld door de Praktijkleerstoel Gebiedsontwikkeling aan de TU Delft. Deze luidt als volgt: ‘gebiedsontwikkeling is de kunst van het verbinden van functies, disciplines, partijen, belangen en geldstromen, met het oog op de (her)ontwikkeling van een gebied’.

Belemmeringen

We hebben de opgehaalde belemmeringen en mogelijke tips en aanbevelingen die tijdens de interviews of workshops naar voren kwamen, op een rijtje gezet. Interessant was dat er een aantal belemmeringen meerdere keren naar voren kwamen rondom twee hoofdthema’s:

  • definitie/criteria/meetbaarheid van circulaire economie
  • marktbenadering

De onduidelijkheid over de definitie en waaraan je circulariteit kunt meten zorgt voor onduidelijkheid en ook terughoudendheid rondom het thema. Hoe selecteer je een circulaire aannemer? Met welke materialen zouden we nu echt aan de slag moeten? Of hoe weet je of jouw project wel of niet circulair is?

Dat vraagt ook om een andere marktbenadering, waarbij overheid en bedrijfsleven samen op zoek gaan naar circulaire oplossing. Maar tegelijkertijd zijn overheden gewend om risico zoveel mogelijk te vermijden. We willen graag bewezen ondernemers of technologieën én innovatie. Hoe combineer je dat? Moeten er bijvoorbeeld keurmerken voor gebruikt materiaal komen? Of mag een leverancier ook op een andere manier aantonen dat zijn materiaal veilig is?

Allemaal vragen waar gemeenten mee worstelen en belemmeringen die bij veel projecten weer opduiken. Ook kwamen er belemmeringen naar voren waarop gemeenten weinig invloed hebben, maar die wél relevant zijn. Grofweg zijn de gevonden belemmeringen in te delen in drie groepen. Voor elke groep zijn de aanbevelingen geformuleerd. Onderstaande plaatje geeft deze schematisch weer.

 

Belemmeringen en aanbevelingen op projectniveau

  • Circulariteit wordt niet vaak meegenomen in de projectdoelstellingen.
  • Het is nieuw, dus kost meer tijd en iedereen moet bereid zijn die tijd vrij te maken.
  • Het is lastig om de juiste indicatoren en criteria op te stellen:
    • Onduidelijkheid over de definitie van een circulaire stad.
    • Sub-optimale keuzes en geen integraal overzicht van alle asset-aspecten.
    • Teveel focus op vraagstukken rond materiaalgebruik.
    • Zit de meeste winst in vervangen, beheren, onderhouden?
  • Onduidelijkheid van markt- en technologie-mogelijkheden.
  • Consequenties voor kosten van circulariteit.
    • Circulair bouwen is niet per se duurder, maar circulair verbouwen wel.
    • Dat circulariteit alleen in duurdere woningen is onder te brengen is een bijzondere observatie die discussie vraagt.
  • De huidige manier van bouwen is niet geënt op hergebruik. Er wordt bijvoorbeeld veel vastgelijmd of dichtgekit.
  • Projectmatige – unieke – aanpak, dit wringt met ‘modulair ‘ ontwerpen.
  • Het is niet haalbaar met één partij; er zijn veel partijen nodig met elk hun eigen expertise. bijv. woningbouwcorporaties, gemeente, aannemer, ontwikkelaar.
  • Kosten gaan voor de baten uit en komen vaak minder snel terug dan in een lineair model.

Aan te bevelen maatregelen en acties op projectniveau

  • Betrek de markt vroeg in het proces.
  • Zet vanaf het begin in op verwachtingsmanagement.
  • Stel circulair expliciet als doel in projecten.
  • Modulair ontwerpen, er voor zorgen dat in de toekomst materialen makkelijk, direct en hoogwaardig hergebruikt ofwel uitgewisseld kunnen worden.
  • Nu wordt het vaak per sector of branche bekeken. Maar juist door over sectoren heen te kijken, kan aangesloten worden bij o.a. de energietransitie.
  • Het kan niet meteen perfect.
  • Circulair bouwen hoeft niet duurder te zijn, als het goed wordt meegenomen vanaf begin van de planvorming of als zaken goed geregeld zijn, bijvoorbeeld middels een materialenpaspoort.
  • Definities van circulair maken eigenlijk niet uit. Je moet het toch heel specifiek maken om er mee aan de slag te kunnen. Maar een abstracte visie kan wel helpen om dat specifieke afstemmen sneller te laten gaan.
  • Overvraag de markt niet. Kies een aantal belangrijke speerpunten.
  • Gebruik de RVO inkoophulp voor circulair inkopen. Hier is ondersteuning mogelijk.
  • Durf op basis van visie, doelstellingen, werkwijze en principes samenwerkingen aan te gaan. Steun niet enkel op normen, kpi’s, etc.
  • Maak inzichtelijk wat het ‘circulaire’ gedeelte van een project kost. Zo komt hier meer inzicht in en kan in het vervolg beter draagvlak gezocht worden voor projecten door een duidelijkere business case.
  • Betrek de financiële afdeling vanaf het begin bij een circulair project.
  • Maak naast financiële gevolgen ook de niet-financiële baten duidelijk inzichtelijk (sociale cohesie, milieu-impact, vermeden materiaal, gezondheid, etc.).
  • Gebruik een materialenpaspoort. Data en kennis zijn de basis om circulair te kunnen werken.
  • Communiceer over de resultaten binnen de eigen organisatie.
  • Haal kennis in huis (of extern) om innovatie goed te kunnen beoordelen.

Belemmeringen en aanbevelingen op gemeenteniveau

  • Er moeten vaak meerdere beleidsdoelen worden meegenomen in projecten en aanbestedingen.
  • Gemeenten willen innovatief én bewezen, dit is tegenstrijdig.
  • De ambitie is hoog, maar opdrachtgeverschap vanuit overheid sluit hier nog niet altijd goed op aan. Men is vaak nog zoekende naar een sluitende uitvraag, terwijl er eigenlijk meer vrijheid nodig is.
  • Veel normen zijn niet meer state-of-the-art en dus geen goed selectiemiddel.
  • Er bestaat een groot verschil (qua kennisniveau en ‘sense of urgency’) tussen beleidsmakers en degenen die projecten uitvoeren.

Aan te bevelen maatregelen en acties op gemeenteniveau

  • Geef focus aan bepaalde projecten of onderwerpen door niet alle beleidsdoelen overal in door te voeren.
  • Geef aandacht aan de benodigde organisatiecultuur.
  • Andere vormen van (interne) organisatie zijn nodig.
  • Ambtelijk overleg tussen afdelingen en verschillende bestuursvormen moet anders georganiseerd worden om bestemmingsplannen helder te krijgen en sub-optimale keuzes voor te zijn.
  • Het helpt erg als er een bestuurder is die hier achter staat en dit ook graag wil neerzetten.
  • De nieuwe omgevingswet en – visie bieden misschien kansen voor de circulaire economie. Zorg dat je hier bij aangesloten bent.
  • Beleidsmakers moeten zich bewust zijn dat ze iets ‘extra’s’ vragen van projectleiders. Erken dat het extra tijd of moeite kan kosten en ga het gesprek aan, maar ga wel door.
  • Opzetten van depot of eigen werf, om reststromen tussen verschillende opdrachten te kunnen hergebruiken.
  • Grotere opdrachten, daarmee praktisch mogelijk maken hergebruik binnen een opdracht.
  • Programmering financieel, niet enkel op investeringskosten, maar waardegericht.

Gemeente overstijgende belemmeringen en aanbevelingen

  • Kwaliteit van secundaire materialen:
    • Gerecycled materiaal voldoet niet altijd aan virgin specs en vereist langere testfases.
    • Productieprocessen zijn niet ingesteld op variatie in ingangsspecificatie.
    • Ontvangende partijen eisen -vanzelfsprekend- een garantie op reststromen.
    • Ontbreken van certificering nieuwe materialen.
  • Gemeente zou strengere eisen willen hanteren dan wettelijk toegestaan.
  • Definitie van afval is (Europees) wettelijk verankerd en daarmee ook de omgang, transport en gebruik van secundaire materialen. Deze bemoeilijkt in sommige gevallen het werken met reststromen.
  • Gemeente heeft weinig doorzettingsmacht en kan voornamelijk stimuleren en promoten
  • Bestaande infrastructuur leidt tot lock-in. De urgentie voor het slimmer gebruiken van onze grondstoffen is niet altijd groot genoeg.
  • Geen sluitende business case met circulaire bedrijven op oplossingen op korte termijn;
    • Veel partijen zien geen of onvoldoende perspectief in het verwaarden van reststromen en houden daar aan de voorkant van een project onvoldoende rekening mee.
    • Bedrijven houden kleine voorraden en hebben dus geen voorraad secundair materiaal in beheer. Voorraadbeheer en logistiek kost meer.
  • Normen sluiten vaak niet helemaal aan of zijn niet up-to-date. (voorbeeld dat BREEAM geen punten toekent aan gebruikt hout, enkel FSC hout).
  • Er is nog geen duidelijke manier om niet-financiële baten inzichtelijk te maken voor CE. MKBA kost veel tijd en moeite.

Aan te bevelen maatregelen en acties die de gemeente overstijgen

  • Het zou goed zijn om op verschillende niveaus materialendepots en ‘marktplaatsen’ te hebben, bijvoorbeeld zowel gemeentelijk als regionaal. Bouw op de kaart kan hier misschien in helpen.
  • Certificering en keuringen voor gebruikt materiaal opzetten.
  • Lobbyen en agenderen bij hogere overheidsorganen en grote marktpartijen.

De bijlage bij deze tekst download u hier.

Zie ook de uitkomsten van het ontwerpend onderzoek Rijk en Wijk van het College van Rijksadviseurs en het Groenboek circulaire gebiedsontwikkeling van Platform31.

Over de werkgroep

De werkgroep heeft zich gefocust op belemmeringen in gebiedsontwikkelingen, maar dit houdt niet in dat alleen de circulair niet-succesvolle projecten bekeken worden. Zowel geslaagde als minder geslaagde circulaire projecten kunnen dienen als input, omdat hier wellicht bepaalde circulaire aspecten wél en niet zijn tot zijn recht zijn gekomen. Daarnaast hebben we ervaren dat het lastig is om projecten te vinden waarbij de circulaire aspecten niet goed naar voren zijn gekomen. Mensen praten liever over een geslaagd project, ook als hierin de nodige tegenslagen zijn geweest.
In dit verslag zijn bovendien de opgedane kennis en uitkomsten van recente projecten rond circulaire gebiedsontwikkeling en wijkaanpak van Platform 31 en het College van Rijksadviseurs samengevoegd. Daarnaast is er een inventarisatie gedaan vanuit de werkgroep en informatie van projecten uit de gemeenten die aangesloten zijn bij de citydeal.

Verbinding met andere onderwerp van de City Deal

Indicatoren: wanneer is een project wel of niet circulair? Deze vraag viel buiten de scope van deze inventarisatie, maar wordt aangegeven als grote belemmering. Een groep indicatoren zal helpen om een betere definitie te geven die de gemeenten uit kunnen dragen.

Projecten: deels zelfde projecten geïnterviewd en als het goed is, helpt dit advies om circulaire projecten te bevorderen.